Welkom!

Deze blog is gestart om mijn reis door Amerika in 2010 te delen met de mensen om me heen.
Inmiddels ligt de vakantie al ver achter me, maar blog ik zo nu en dan vrolijk door. Deze pagina's vul ik het liefst met fijne verhalen en mooie foto's. Deze blog staat open voor reacties van iedereen, dus voel je vrij!


zondag 22 juli 2012

Israel dag 7 - baptizantes eos in nomine patris et filii et spiritus sancti

Wat een bizarre dag. Hij begon rustig, verliep naar kippenvel en eindigt met chaos in mijn hoofd.

< Maria bij de Basilica of the Annunciation


Maar laat ik bij het begin beginnen: ik nam de bus naar Nazareth. Er passeerden twee bussen bij de halte waar ik stond, allebei niet voor mij, maar allebei de chauffeurs zó vriendelijk. Ze zochten voor me op hoe laat mijn bus kwam. Alleraardigst!
En toen mijn bus, precies op tijd. Ik stapte ik en liet me naar Nazareth rijden. Een rit die niet echt heel relaxed was. Hij leidde door kleine dorpjes, langs bochtige wegen en bij elke rotonde of scherpte bocht gaat er een piepalarm (Elandproef?)
Het ergste waren de drempels. Echt om de 50 meter een verkeersdrempel.
Als je hardop zegt:
Gas geven.
Gas geven.
Remmen.
Drempel.
Dan heb je precies de kadans te pakken. Binnen een half uur moest ik dan ook enorm plassen van dit gehobbel. Nog 2 uur te gaan :-)


Anyway, Nazareth. De straatjes hier in de oude stad zijn nauw, steil en hebben véél trapjes. Ik had jullie graag het vermaak getoond van een verhitte Maartje die door dit gebeuren haar koffer omhoog sjouwt. Maar helaas. :)

Uiteindelijk arriveerde ik bij mijn guesthouse. Wat een heerlijke plek, een mooie rustige plaats in een eeuwenoud pand. Goede keuze!

Ik ging op pad. Maar arriveren op zondag was een minder goede keuze. Alles dicht. Alles!
Geen souks, geen supermarktje, geen kerk open, helemaal niets. Saai!

Wat wel open was, was de Basilica of the Annunciation. En dat heb ik geweten, kippenvel tot achter mijn oren. De kerk is heel jong, in 1969 gebouwd op de plaats waar Maria de aankondiging kreeg van de engel. De grot onder/in de kerk is de plek waar Maria geleefd zou hebben. Een bijzondere plaats dus. De buitenfoto's maak ik morgen, als de zon onder gaat. Het licht is dan prachtig, helaas stond ik er vanavond mét camera, maar zonder memorycard.... MUTS!

De kerk zelf is een beetje een allegaartje, beneden is het vrij strak ingericht, boven is een echte kerk. Bijzonder. Wat het heel speciaal maakte is dan een kleine groep mensen in de cirkel voor de grot aan het zingen was. Eerst een soort voorganger, hij zong uit een boek (bijbel?), en daarna een man op een gitaar, en de groep zong mee in een soort koor. Fantastisch, ik had zo'n kippenvel hiervan. Zo eenvoudig, maar zo mooi.
Ik heb een geluidsopname gemaakt, die kun je hier luisteren. Luister vooral even tot iedereen zingt. Bijzonder! Maria.....

Interieur bovenkerk:





























Interieur benedenkerk, de groep mensen die zongen, rechtsachter de grot:


 Grot met altaar



 De deuren....


In de kerk hangt overal kunst uit alle landen van de wereld, Maria samen met Jezus.













Dusssssss......

























Toen ik de hele kerk had bekeken liep in naar buiten en zag een hoop mensen staan rond een soort kleine kapel naast de kerk. Wat blijkt: er werden kinderen gedoopt. Ik heb staan kijken en heb de doop van twee kinderen gezien, heel indrukwekkend, op deze plek zo in Nazareth. Nog meer kippenvel. 

Baptizantes eos in nomine patris et filii et spiritus sancti...
< Binnenkant van het kapelletje.
Daarna ben ik gaan lopen, maar er was dus niks open. Ik wilde naar Mary's well, maar dat stelde echt helemaal niks voor! Kerken waren dicht, de moskee mocht ik niet in. Op straat was het bijna eng stil Niemand op straat, echt niemand! Heel af en toe een verdwaalde toerist en het geluid van de zoemende airco's. Bijna creepy. Kortom: wat nu?
En toen liep daar nog een toeriste, Daniela. We raakten aan de praat omdat we dezelfde plek zochten en vonden de bewuste kerk uiteindelijk, lachend omdat die kerk echt een achtertuin-kerk was, zo klein. Vergeleken met Europa.
Ze is Zwitserde en we hebben verder de stad doorgetrokken tot we bij mijn guesthouse waren. Daar hebben we wat gedronken in de keuken en alle kaarten er bij gepakt. Zij ging morgen naar een national park, lopen. Of ik mee ga. Maar ik zie 8 kilometer lopen in de brandende zon niet zitten. Dus ik doe het toch niet.




< de Grieks-orthodoxe kerk van de aankondiging.

We spreken af een hapje te gaan eten 's avonds en zo zien we elkaar rond half 7 weer, bij de basilica. Ze begint te vertellen waarom ze hier is, en ik hang de rest van de avond aan haar lippen. Ze vertelt dat ze hier is met een organisatie die zich hard maakt voor de bewustwording van de situatie in Israel. De gespannen situatie met de Palestijnen. Ze vertelt en vertelt en ik ben met de minuut meer gefascineerd en in shock. Ze vertelt over de muur die er staat rondom Oost Jeruzalem, over de 'apartheid' die er heerst. Over de Israeli die bijvoorbeeld 200 liter water krijgen per dag in Jeruzalem. Terwijl de Palestijnen slechts zo'n 35 krijgen (fictieve getallen). Over dat Oost Jeruzalem gewoon belasting betaalt, maar er niks van terug ziet. Geen groen, geen scholen, niks.

Over de Westelijke Jordaanoever. Over plaatsen als Hebron, de muur die daar midden door de stad loopt. Als je pech hebt voor de ingang van je huis, zodat je via het dak van je buren naar binnen moet. Of tussen jou en je werk, zodat je niet meer bij je land kunt komen, of dat je kinderen elke dag 2 uur door een checkpoint moeten voor school, en jij voor je werk. Kinderen waarbij de metaaldetectie af gaat en die zich ter plekke moeten uitkleden. Niet achteraf. Nee, en publiek. Weiger je, prima. Dan kom je er dus niet door. De eigenlijk beestachtige manier van met mensen omgaan. Mensen die volgens de wet hun land kwijtraken als ze er langer dan 10 jaar niet zijn geweest. En dat dus kwijtraken omdat ze er 10 jaar gewoonweg niet op mochten. Dorpen en steden worden ommuurd, zodat ze niet kunnen uitbreiden. Vluchtelingenkampen. Wegen worden afgezet. Nog steeds wordt het de mensen in deze gebieden moeilijk gemaakt. Weggepest. Het worden meer en meer ghetto's. Zelfs moslims in Tel Aviv hebben een ander paspoort dan de andere Israeli. een andere code. Ik ben verbijsterd. Waarom wist ik dit allemaal niet, dat het zó erg was. Waarom heeft dit een wel heel nare bijsmaak?

Ze vertelt dat bijna niemand de verhalen kent, omdat ze nu eenmaal niet zo naar buiten komen. Een aanslag, een bom, die zie je op het nieuws. Deze dagelijkse zaken zie je niet. Het persoonlijk leed, de drama's. Een vrouw met een winkeltje langs een doorgaande weg, die een wegblokkade krijgt. Weg inkomsten.
Ze raadt me aan naar Hebron te gaan. Ookal komen er bijna geen toeristen, je moet het met eigen ogen zien. Israeli zullen aangeven dat het gevaarlijk is, omdat de mensen daar gevaarlijk zouden zijn. Maar het is meer bangmakerij.
Ik ga kijken of het lukt om er te kijken, niet met een bustour, maar zelf lopend de checkpoints door. Toeristen zijn neutraal, dus die komen makkelijk het gebied binnen. Ik wil het nu wel eens zien, hoe bizar....

Ingang naar mijn guesthouse:


< Uitzicht vanuit mijn raam als ik de luiken open.

Ik zit dus nu op mijn hotelkamer en denk na. Hoe kan het nou toch dat dit zo erg is, nog met de dag erger wordt, en ik dat niet eens weet. Of ligt dat aan mij?
En wat ben ik blij dat ik haar ontmoette. Het zal zorgen voor bewustwording. In Jeruzalem (let maar op, de zwarte watertanks op de daken, dat zijn Palestijnen. Let maar op de muur, je ziet hem snel genoeg in Jeruzalem), maar ook eventueel verderop in de bezette gebieden. Uit met de pret, het zon-zee-en-strand van Tel Aviv, of de mooie tuinen van Haifa. Ik wil ook een stukje écht Israel zien....

Het zal mij benieuwen. Morgen nog een dagje relaxen, als het lukt wil ik naar Tiberias/Meer van Galilea.

Wordt vervolgd!
Ik hoop dat ik slaap. Het guesthouse ligt aan een enorm smal steegje waar ze nu keihard voorwerk afsteken. Ongelooflijk veel herrie....


< Binnenplaats guesthouse

zaterdag 21 juli 2012

Israel dag 6 - de dag van de religieuze smeltkroes en de rust

Na een nachtelijk gesprek met Nederland, en een daardoor korte nacht, was het maar goed dat ik vandaag niks op de planning had staan. Uiterst rustig aan ben ik de dag begonnen en dat 'rustig aan' heb ik ook ehm... rustig aan voortgezet :-)

Ik ben een stukje gaan lopen. De oproep voor gebed klinkt uit de moskee en ik bedenk dat dit wel een heel aparte religieuze smeltkroes is. Hier loop ik dan, een Christelijk meisje in een Joods land. Er wordt opgeroepen tot gebed vanuit de moskee, op de sabbat tijdens de Ramadan en ik ben in het heiligste der heiligen voor de Baha'i-gelovigen. Je zou er aardig de weg van kwijt kunnen raken!
*grijns*

< verse baklava. Warm en zoet.

Ik loop nog een keer door de souks, die een stuk drukker is nu. Er waren een hoop meer winkeltjes en kraampjes open. Veelal met groenten, fruit, vis en veel zoet. Ik vermoed dat ze ivm Ramadan extra zoet maken voor de avonden. Ik neem een klein schaaltje mee van een soort baklava. Warm uit de oven. Warme honing, warme pistachenootjes, jummie!

< verse zalm! Nomnomnom...








Ik loop nog een keer langs de haven, door de stad, langs de arabische begraafplaats (die niet zoveel voorstelt helaas) om uiteindelijk aan het water net buiten de stadsmuur neer te ploffen. Er staan hier stenen picknicktafels onder een doek tegen de zon. De branding klotst rustig tegen de stenen van het terras aan. Een heerlijke schaduwrijke plek om even bij te tanken. Ik lees een boek, dommel bijna weg, en besluit maar weer op pad te gaan voor ik echt lig te slapen op een picknicktafel. 


Op mijn kamer puzzel ik uit hoe ik morgen in Nazareth kan komen en tot mijn verrassing hoef ik helemaal niet 20 minuten naar het busstation te lopen, maar stopt deze bus in de oude stad. Lucky me! Alleen is niet helemaal duidelijk hoe laat.
Ik luier wat en blijf op het heetst van de dag uit de zon. Ik heb ineens een zonneallergie, en mijn rug en armen zitten onder de bultjes. Als ik weer naar buiten ga om de bushalte te zoeken, ga ik met een flinke doek om! Ik vind de halte, en zowaar op nog geen 50 meter van mijn hotel. Whooohaaa, dat scheelt even sjouwen!





< Visnetten

Als ik het Hebreeuws laat vertalen dat bij de halte hangt, schijnt de bus om 9 uur te komen. Op internet vind ik 9.30 uur. Ik neem de gok denk ik maar. Al kan de bus altijd eerder komen, als het verkeer mee zit. Moet je in Nederland mee aankomen!
De rit duurt 2,5 uur, dus dan zou ik zo 12.00 uur in Nazareth zijn en dan begint mijn zoektocht naar mijn hotel. Adres: Old City, Nazareth. Niks meer en niks minder. Dat wordt nog leuk :-)

Ik besluit met doek en al nog even neer te ploffen aan de waterkant bij de picknicktafels waar ik vanmorgen zat. Ik bekijk het volk nog eens wat er zit en kom tot de conclusie dat het een tokkie-achtige plaats is. Men staat er te barbecuen met zelfmeegenomen roosters, een gezin rookt er waterpijp (jonge kinderen uiteraard niet), en het volk... jammer dat ik ze niet kon fotograferen, geweldig! Dik, aso, tattoos, gewoon een compleet plaatje. Ik heb alleen 2 kinderen op de foto, mooie plaatjes!








< Net buiten de stadsmuur, lekker in de luwte. 

Onderweg kom ik een stel tegen dat nogal in paniek is. Handen en voeten en het woord taxi maakt duidelijk dat ze een taxiafspraak hebben maar ze weten niet of dit de juiste plaats is. Ze spreken alleen Turks, niks anders. Nu vind ik het zelfs met Engels soms al knap lastig, maar zij maken het helemaal spannend door alleen hun eigen taal te spreken. Mafkezen. Een Joods stel stopt ook en de man helpt hen verder, en ik blijf met de vrouw praten. Zij komt van origine uit Jeruzalem en vertelt met wat weemoed over de stad. Dat het zo mooi is, en zo lekker koel 's avonds in de zomer (het scheelt inderdaad een graad of 6 met hier 's nachts zie ik, het is er 's avonds zo'n 19 graden). Ook vertelt ze dat ik wel moet uitkijken, dat de wijken waar de orthodoxe Joden wonen niet echt heel prettig zijn. Maar ja, die wil ik wel zien natuurlijk. Ze vertelt dat het er somber is. Mannen en vrouwen allemaal in het lang zwart. Zomer of winter. En dat ik me moet bedekken. Ik vraag haar of ik kan zien waar dat wel en niet moet. Je merkt het wel, lacht ze, ze schreeuwen nogal naar je als je het niet doet. Owwwwkeeee! Nou ja, dat gaan we zien (en/of horen) dus! :-)
Ze vraagt waar mijn groep is. Gek genoeg denkt iedereen dat ik hier met een groep ben. Terwijl ik zoveel mensen ken die alleen door Israel zijn gereisd en toch is het nog wat uniek blijkbaar. Ze valt helemaal stil als ik vertel dat ik alles per ov doe. Dat zou zij me zelfs niet nadoen.
Gek. Maar goed, een leuk gesprek. De man heeft intussen de paniekmensen geholpen en zo zijn we allemaal blij!

O, en ik spot nog een kameel, maar helaas van ver, dus geen foto. Ik ga er vanuit dat ik nog wel een kameel tegen ga komen.

's Avonds loop ik weer tegen het eet-probleem aan, er is weer niks open op 1 pizza tentje na. Grrr... Ik vraag het deze man nogmaals en hij geeft aan dat het de Ramadan is. Eerst moeten ze āllahu ākbar in de moskee, vertelt hij, en dan gaan ze eten. En ja, daar ga ik in Nazareth ook tegenaan lopen vertelt hij. Ik besluit alleen nog maar overdag te eten en me 's avonds te redden met wat fruit oid.
De man kletst wat af, in gebrekking Engels, haalt zijn broer erbij 'want die is in Nederland geweest' en geeft me als ik wegga nog een citroenijsdrankje kado. Van mij, welkom in ons land, zegt hij.

Wáár zijn die onaardige Israeli nou?




vrijdag 20 juli 2012

Israel dag 5 - de dag van de Baha'i Gardens in Haifa


Ontbijt in Israel is een feestje, dat heb ik inmiddels wel ontdekt. Ook hier in Akko stond de tafel vanmorgen vol met meer dan 20 schalen, met kazen, vis, mais met dille, bietjes, eiergerechten, vers fruit en weet ik veel wat allemaal nog meer. Een beetje van dit, een beetje van dat, een glas vers sap en een lekkere bak koffie, en ik vind het een uitstekend begin van de dag!

Vandaag wilde ik naar Haifa, en als het even zou kunnen naar Caeserea (de opgravingen). Ik vroeg aan de dame bij de receptie hoe ik het beste naar Haifa toe kon komen. Ze opperde de bus en wees me de weg naar het busstation van Akko. Dit bleek een minuut of 20 te lopen, maar ik weet nu waar het ligt. Handig als ik zondag naar Nazareth vertrek.
Wel gaf ze aan op tijd te zijn en op tijd terug te gaan, ivm het begin van de sabbat. Dan rijdt er geen openbaar vervoer meer. Ik dacht dat het van vrijdag zonsondergang tot zaterdag zonsondergang zou zijn, maar dat was volgens deze dame (en later volgens iemand in Haifa) niet zo. De bussen zouden halverwege de middag al niet meer rijden.

Eenmaal bij het busstation aangekomen blijkt het allemaal niet zo makkelijk als ik hoopte. Want welke bus neem je als dit op één van de bordjes staat. En als de plaatsnamen die je wel kunt lezen je echt niks zeggen. Haha.
Uiteindelijk ben ik in een bus beland die me naar Haifa kon brengen. Maar niet rechtstreeks, ik moest onderweg uitstappen op het busstation van Haifa en een andere bus nemen (die op het kaartje stond dat ik mee kreeg). In het Hebreeuws, uiteraard, jaja.
Dat kaartje bracht me niet echt verder, dus maar weer vragen. Ik wilde naar de Baha’i Gardens, maar dat zei de meeste mensen niks. Wat mij dan weer verwonderde, want het is zó groot en opvallend dat je het niet kunt missen!

<  Haifa tegen de heuvels
< Mooi Joods ventje met keppeltje

Anyway, uiteindelijk heb ik maar een bus gepakt en ben ik met behulp van ‘maps’ op mijn iPhone zo dicht mogelijk in de buurt uitgestapt :) Lang leve de moderne technologie!

De Baha’i Gardens op de berg Carmel. Een enorm tuinencomplex. Hier staat de graftombe van de Báb en hier huizen alle bestuursorganen van het Baha’i geloof. Ik moet eerlijk bekennen dat ik nooit van dit geloof gehoord had, maar het is het jongste geloof ter wereld en er schijnen over de hele wereld 6 miljoen gelovigen te zijn. (lees hier meer)
Deze tuinen in Haifa is de een na heiligste plaats voor dit geloof. De gelovigen hebben slechts 1 plaats die heiliger is. Waar ze dagelijks met het gezicht naar toe bidden als Moslims naar Mekka. En die plaats is: Akko! Waar de oprichter van het geloof begraven ligt: Baha'ullah. Nou moe. Ik slaap dus in de heiligste der heiligste plaats. Het moet niet gekker worden.

Anyway, nogmaals: de Baha’i Gardens. Toen ik er naar toe liep dacht ik al: dit wordt geen grap in deze hitte. De tuinen schijnen 1.700 traptreden te hebben, verdeeld over 19 terrassen. Het stuk wat je ziet van beneden tot aan de tombe is slechts de helft, 9 terrassen onder, de tombe zelf en 19 terrassen erboven.

< hier zie je alleen de onderste 9

Ik ga het hek door, langs de controle en de metaaldetectie en stuit na 62 treden al op een gesloten hek. Jammer, je kunt er dus niet in. Bij het weggaan vraagt de beveiliging waar ik vandaan kom, en ik krijg een Nederlandse folder in handen. Er zijn rondleidingen, vertellen ze. Die beginnen helemaal aan de top, over een half uurtje. Je kunt naar boven lopen of de bus of taxi nemen.
Lopen (dus om het totale complex heen) is geen optie qua tijd en qua hitte. Dus pak ik de bus. Deze zet mij en twee anderen af ter hoogte van de tombe. Maar de rondleiding start nog eens 9 terrassen hoger. Ook dit is niet te lopen. We zijn 5 minuten voor tijd en moeten er echt al zijn eigenlijk. Een Duits meisje besluit te blijven, ik ga met een vrouw uit Illinois verder. De taxi rijdt ons naar boven, en precies terwijl het he weer sluit boven zijn wij binnen. De tour kan starten!

Het uitzicht boven is werkelijk schitterend. Je kijkt uit over de hele stad, over de baai van Haifa en als het niet wat heiig was geweest kon je Akko zien liggen. Zo mooi!


< De bovenste 9 terrassen, tot aan de tombe die je net van beneden zag.


We worden in een uur naar de tombe geleid. Een afdaling van veel, heel veel treden. De gids vertelt over het geloof, de locatie, de terrassen, de gelijkheid en eenheid die ook terugkomt in de symmetrie. Erg leuk! Maar het is zo gruwelijk heet. Daar loop ik dan, in de brandende zon, met in mijn koffer in mijn hotelkamer een kek (*kuch*) hoedje. Het helpt echt hoor, zo’n hoed! Haha.

Ik maak veel foto’s en uiteindelijk stopt de tour net voor de tombe. Verder naar beneden mogen we niet. Maar eigenlijk vind ik het niet zo erg. Ik wil schaduw. En drinken. En airco, en een plons in een koud bad.
De dame uit Illinois gaat nog even de tuinen in, al ontploft zij ook bijna, ik neem een taxi terug naar beneden. De taxichauffeur heeft niet in de gaten dat hij weer dezelfde passagier heeft als op de heenweg naar boven en probeert hetzelfde truukje: me een rondrit van 2 uur aan te smeren voor omgerekend zo’n 70 euro. Uiteraard doe ik dit niet.

Ik plof bij het eerste restaurant aan een tafeltje en bestel een glas drinken. En een vis. Ik besluit hier te eten, omdat de kans groot is dat ik vanavond ik Akko weer geen restaurantje open vind. Onderweg haal ik wel een doosje crackers ofzo voor als ik vanavond nog trek heb. Ik bestel de lokale vis: de St. Peter’s fish. Die ook gevangen wordt in het meer van Galilea en bekend is van het verhaal van Petrus die een vis vangt met een muntje in zijn bek (??)
Uiteindelijk zit ik hikkend van de lach aan dat tafeltje, want als ik de vis google, vind ik dat dit hetzelfde is als: Tilapila. De vis waar ik vorige week nog van zwoer hem niet meer te eten omdat hij zo op een nare manier gekweekt wordt met allerlei rotzooi er in. Maar goed, deze wordt gewoon vers in het meer gevangen, dat is uiteraard héél anders! :-)

En dan… is het al bijna 14.00 uur. Ik besluit terug naar Akko te gaan. Met al deze bus-overstap perikelen durf ik het niet aan om nog naar Caeserea te gaan nu. Als het tegen zit heb ik daar ook 3 overstappen en dan is de kans echt te groot dat ik niet meer terug kan. En een taxi helemaal vanaf daar (als die daar al stoppen) is echt te duur en te riskant. Wel onwijs jammer, want dit stond al vanaf het begin op mijn lijstje. Maar goed, so be it. Morgen is ook geen optie, omdat er dan nog steeds geen ov rijdt.

Ik ga terug en heb weer net zo leuke ervaringen met de bus. De bus die ik had blijkt helemaal niet te rijden in dat deel van Haifa (dat is apart, want ik kwam wel met dat nummer áán) en dus moet ik weer een aantal keer overstappen. Maar het gaat goed en uiteindelijk ben ik dan weer in Akko. Ook vandaag werd ik overigens weer veel aangesproken. Mannen die willen dat ik in Haifa blijf, de avond met me willen doorbrengen. Hmpf. En dan niet zulke leuke mannen natuurlijk als die ontbijt-ober in Tel Aviv, nee… natuurlijk oudere mannen die hun gouden tand blootgrijnzen. *zucht*

Op mijn kamer ben ik inderdaad in een koud bad geplonst. En na een kort dutje ben ik nog even een rondje gaan lopen hier. Mooie zonsondergang met de zon nét achter de toren van de moskee, heerlijk einde van de dag!
Morgen wilde ik op pad naar het Noorden, de grens met Libanon. Schijnt er prachtig te zijn, maar ook dáár kan ik uiteraard niet komen op sabbat. Dat zijn dat al twee dingen die op mijn lijstje komen van ‘te doen als ik ooit terug kom in Israel’. Maar goed, misschien maar goed ook, een keer een dagje aanlummelen hier is ook niet verkeerd misschien. Het is tenslotte wel vakantie…. Misschien duik ik wel met een boek het strand op. Of ga ik de Islamitische begraafplaats hier bekijken. Of... of.....
Jullie lezen het morgen!


donderdag 19 juli 2012

Israel dag 4 - de dag van de treinreis, en de ontdekking van Akko



Na een alarmloze nacht en een wederom heerlijk ontbijt ben ik vanmorgen uitgecheckt. Op naar Akko!
Bij het wegrijden uit Tel Aviv denk ik aan wat het Duitse meisje uit het vliegtuig zei: ze zeggen dat Tel Aviv net zo bruist en net zo gaaf is als New York. Hmmm… nu ben ik niet het nachtleven ingedoken, en ik vond Tel Aviv echt wel mooi maar het haalt het bij lange na niet bij New York wat mij betreft!

Toen ik mijn hotel uitstapte, stopte er prompt een taxi voor de deur dus die ben ik maar ingesprongen. De chauffeur sprak weinig tot geen Engels maar toen hij hoorde dat ik naar Akko ging begon hij een heel verhaal in het Hebreeuws. Door zijn enthousiasme, handen en voeten, en af en toe een woordje Engels begreep ik dat het er prachtig is! Mooie stranden, mooie oude stad. Hij kwam er zo'n 3x per jaar (week, maand, dag?) vertelde hij.

Jaja treinkaartje van ehm.....naar ehm.....


Eenmaal op het station begon het gegoochel: eerst tas en koffer door de scanner, daarna ik door de metaaldetector. Toen een kaartje naar Akko bij de balie. Daarna terug naar de balie, want welk perron moet ik hebben? En daarna het geluk dat mijn trein, die slechts 1x per uur rijdt, over 5 minuten zou vertrekken.
Gestuntel met poortjes, een ander poortje voor mijn koffer en dan...richting perron!
Ik sjouw mijn koffer van de steile trap af en prompt komt er een man aanrennen die de koffer van mij overneemt en hem naar beneden sjouwt. Echt, ik hoorde van meerdere mensen dat de Israëli zo onaardig zijn, maar tot nu toe heb ik het meer dan getroffen!

De reis naar Akko is rustig. De ruiten van de trein zijn ongelooflijk stoffig en dus zie ik weinig. We rijden tussen de kust en heuvels door. Mijn rit is rechtstreeks. Eenmaal bij Haifa ga ik naar het toilet en ineens wordt er omgeroepen dat de trein niet verder gaat. Hmmm... Ik snel de wc uit, pak mijn spullen en spring uit de trein.

Wachten op station Haifa.

Op Haifa zijn de borden nog onduidelijker. Ik ga met de lift naar beneden, weer naar boven, nérgens staat aangegeven van welk perron de trein naar Akko vertrekt. Althans, niet in een taal die ik kan lezen :)
De dienstregelingen die aangeplakt zijn, zowel in Haifa als Tel Aviv, zijn de winterdienstregelingen. Geldig tot en met 18 mei. Na wat rondvragen beland ik op het juiste perron en na een half uur komt de trein naar Akko. Deze zit helaas wel heel vol.

Net op het moment dat ik niet weet waar ik precies de trein uit moet, zie ik Akko in de verte, een ommuurd stadje aan de kust. Prachtig! Akko was vroeger voor zowel de Romeinen als voor de Christenen en Moslims belangrijk, en is een van de oudste steden ter wereld. Het was vroeger de toegangshaven tot Palestina voor de Europeanen, is bekend om zijn vele kruistochten en is in handen geweest van o.a. Kananieten, Christenen, Kruisvaarders, Egyptenaren, Turken en... Napoleon. Ik ben benieuwd!

Ik neem de taxi naar de oude stad en vind daar mijn hotel: een oud pand, deels verscholen in de oude stadsmuur. Mijn kamer is nog niet klaar, dus ik ga een rondje lopen. Eerst de oude kruisvaardersmuur op, met een prachtig uitzicht over de stad en over zee. 














Vanaf de stadsmuur 
 Door de schietgaten (dat heeft vast een officiële naam)



















Daarna slenter ik wat straatjes door en kom in de souks terecht, als in Marokko maar dan zonder toeristische zooi en zonder de opdringerigheid. Het is hier bloedheet, er waait geen zuchtje wind en het ruikt kruidig. Akko is een Arabisch plaatsje en die kruidige geuren herken ik gelijk. Pepers, kaneel, stapels andere heerlijke kruiden. Vermengd met een vleugje vers gevangen vis. Heerlijk!

Het is tijd om mijn kamer in te kunnen. Wat een leuke plek, oud donker houten meubels, Arabische tegels op de vloer en een kitscherig plafond. Hier kan ik wel een paar nachten blijven.
O, en een bad! :-)

Ik trek andere slippers aan en loop naar de haven. Onderweg spreken vissers me aan. Waar ik vandaan kom, en alweer een warm en hartelijk welkom in Israël. En viva Hollanda enzo. Hartelijkheid ten top!
Langs de haven is het druk. Ik vermoed dat de vissers net terug zijn en nu bezig zijn met opruimen en voorbereiden voor de volgende dag. Één man is bijzonder vervelend. Hij wil een stukje met me varen. Ik wil niet. Hij vraagt of ik bij die andere Nederlanders hoor die hij net zag. Ik ontken, en daar heb ik later spijt van.
Hij wil me de stad laten zien, me op de foto zetten, de toren met me beklimmen, etc. Wil je graag alleen zijn, vraagt hij uiteindelijk. Hèhè, het kwartje valt. Ik loop door en dan word ik weer ingehaald. Het is niet goed om te veel alleen te zijn, begint hij weer. Je kunt beter met iemand de stad verkennen die je alles kan laten zien en vertellen. Ik loop door en hij blijft me lastig vallen. Uiteindelijk verlies ik heel onbeschoft mijn geduld en schreeuw tegen hem dat hij me met rust moet laten. Hij druipt eindelijk af. Wat was het ook alweer met mannen, je moet duidelijk zijn hè? :)

Ik loop langs de haven het stadje weer in, aan drie kanten is hier zee, het is prachtig! De vrouw aan de receptie waarschuwde me in de avond om alleen naar de haven te lopen, omdat die route verlicht is, verder de stad niet in te gaan. Ik snap nu pas waarom. De straatjes kronkelen en overal zijn poortjes, smalle steegjes en donkere gangetjes. Ik kan me voorstellen dat je hier in het donker makkelijk verdwaalt.

Uiteindelijk heb ik het zó warm dat ik het hotel weer in loop en een verkoelend bad neem. Even niks!
Ik begin aan boek 3 en vrees dat ik echt te weinig boeken bij me heb. Alweer.











 Bij de haven. Moooi!
 Haven met uitzicht op de stad.





Zo'n mooi stadje is het helemaal niet, maar dit soort plaatjes maken het helemaal goed! :)




Tegen zessen ga ik weer naar buiten, het heetst van de dag is geweest en het licht is prachtig. Ik slenter wat rond en beland bij de Moskee van Achmed El Jazzar, die bovenop een oude Kruisvaardersbasiliek gebouwd is. Het schijnt een van de mooiste en beroemdste moskeeën ter wereld te zijn. Beroemd vanwege de legendarische 'Baard van de Profeet' die nu nog vloeken voorkomt. Hier worden namelijk drie baardharen bewaard die op de 27ste dag van elke ramadan aan de gelovigen worden getoond.
Jaja, zo als je nu kijkt keek ik ook!
  
Ik verwacht niet dat ik het terrein op mag, maar aangezien er niemand is, loop ik toch maar naar binnen, ik kan er hooguit uitgegooid worden, nietwaar? Op de binnenplaats staan twee graven, prachtige bomen en hier kan ik goed de moskee zelf zien. Er komt een man aangelopen die me meewenkt. Hij slaat een doek om mijn schouders. Blijkbaar loop ik er in een jurkje en blote rug en bovenarmen toch iets te bloot bij. Ik had ook niet verwacht om hier te belanden. Het terrein is mooi en bij de ingang van de moskee twijfel ik. Zou ik naar binnen mogen? Maar weer geldt: als het niet mag….
























Ik loop tot aan een hekje. Daarachter mag je alleen verder als je komt bidden. Ik houd me netjes aan de goede kant van het hek. Het klinkt wat boerentriens, maar het is de eerste keer dat ik een moskee van binnen zie, hij is prachtig!
 







Hierna wil ik nog wat eten, het is 19.00 uur en ik heb trek. Vanmiddag zag ik een enorm leuk pleintje met terrasjes, waar ze de streekvis serveren. Ik kom aanlopen: dicht. Ik loop verder: alles dicht! Huh?
Alle eettentjes zijn gewoon gesloten. Ik zie nog 1 man zijn tentje opruimen en vraag wat er aan de hand is. Wat blijkt, alle tentjes sluiten hier zo rond 17.00/18.00 uur. Váág! Hij wil nog wel een pizza voor me maken, zegt hij, en zo maakt hij ter plekke een kleine pizza met olijven en champignons voor me. De held!

En zo eindigde weer een dag, in Akko. Ik ga slapen in mijn hotel, veilig in de muren van de oude kruisvaarders. Morgen weer een dag!